In de Masterclassreeks integraal organiseren verkennen opdrachtgevers en nutsbedrijven hoe zij beter samen kunnen werken om de complexe en urgente opgaven in de leefomgeving aan te pakken. Klimaatadaptatie, de energietransitie, vervangingsopgave, beperkte fysieke ruimte en maatschappelijke druk komen steeds vaker samen in dezelfde straten, wijken en ondergrond. Toch werken we in de praktijk nog vaak vanuit het principe: ieder project is uniek. Dat leidt tot inefficiënties, vertraging, onduidelijkheid richting marktpartijen en onnodige maatschappelijke overlast. Tijdens de masterclasses ontdekken de partijen hoe zij de stap kunnen maken van ad hoc naar structureel, van versnippering naar samenhang en van uniek naar uniform.
Drie studenten van de Universiteit Twente onderzoeken hoe integrale samenwerking in de ondergrond er in de praktijk uitziet en waar deze samenwerking beter kan. De studenten kijken ieder vanuit een eigen invalshoek naar dezelfde centrale uitdaging: hoe organiseer je samenwerking tussen gemeenten en nutsbedrijven zodat projecten vanaf het begin beter op elkaar worden afgestemd?
- Wisse Folkertsma onderzoekt vanuit Vitens hoe knelpunten in de huidige manier van werken binnen combiprojecten kunnen worden opgelost, onder andere in relatie tot het proces van stichting GROND’G.
- Hester Kok richt zich vanuit gemeente Hengelo op de vraag hoe een integrale aanpak eruit kan zien die de samenwerking tussen partijen in combiprojecten verbetert.
- Joost de Kater onderzoekt vanuit gemeente Berkelland hoe werkprocessen binnen een organisatie inzichtelijk kunnen worden gemaakt en hoe deze met behulp van Systems Engineering opnieuw ingericht kunnen worden.
De komende periode werken de studenten hun onderzoeken verder uit. De eindresultaten worden benut binnen de masterclass en dragen bij aan de bredere ontwikkeling van een integrale aanpak voor samenwerking in de ondergrond.












